Shiwa soap 33

Snoepwinkel

Iets simpels als een tuinpad kan elke dag opnieuw een uitdaging vormen. Als ik helemaal niets doe behalve Shiwa aan de lijn houden, werkt ze zich met al haar kracht als een graafmachine aan het einde van de lijn over het schelpenpad naar de auto, de auto die Shiwa naar de spannende wereld brengt, en sleurt mij met zich mee, een spoor van post achterlatend, waarna omkeren om de post op te rapen praktisch onmogelijk is.

Na een week Shiwa over de vloer had ik al in de gaten dat dit niet bepaald was hoe ik dit jarenlang wilde gaan doen, maar zie zoiets maar eens te doorbreken als mens en hond in feite hetzelfde doel hebben: zo snel mogelijk bij die auto komen, zij om te gaan wandelen, ik om de zakelijke post weg op tijd weg te brengen om daarna te gaan wandelen. Theoretisch zijn er talloze prachtige oplossingen, variërend van een andere route nemen zodat je niet altijd bij de auto uitkomt en dus het verwachtingspatroon doorbreekt, tot hond eerst in auto en daarna post in auto, of hond niet meenemen naar het postkantoor. Maar die oplossingen blijken in de doordeweekse praktijk even lastig uitvoerbaar of onpraktisch als hond wel meenemen naar postkantoor en post niet.

Maar Shiwa draagt zelf een oplossing aan. Op de terugweg van elke wandeling scharrelen we over datzelfde tuinpad richting deur alsof we dat op de heenweg ook zo doen. Niets aan de hand. De lijn hoeft zelfs niet eens vast. We lopen naast elkaar, ik voel of de was langs het pad droog is en Shiwa eet een enkele framboos die van de struiken is gevallen. Een paar meter verder ligt er nog een, die ze met smaak naar binnen werkt. Ik roep snel ‘goed zo’ en Shiwa kijkt verbaasd op. Er zitten nog niet zoveel frambozen aan de struiken, maar de volgende dagen leer ik Shiwa om er een paar rechtstreeks van de struik te verorberen. Op de heenweg bestaan de frambozen niet voor haar, maar op de terugweg wordt het een ritueel waar ze zich vol overgave in stort.

Voordat ik het goed en wel in de gaten heb, is de vakantie voorbij en sta ik weer op het tuinpad met mijn armen vol post. Maar er klopt iets niet, ik heb geen strakke lijn. Waar blijft Shiwa toch? Ik kijk achter me en zie nog net haar staart uit de frambozenstruiken tevoorschijn piepen, die nu helemaal vol vruchten zitten, en leg de post in de achterbak. Dan loop ik terug en met een handvol frambozen loods ik haar in etappes van vijf meter naar de auto. Shiwa zou er voor tekenen als er het hele jaar zo’n snoepwinkel langs het tuinpad stond. Ik ook, trouwens.